Gelukkig was de aftand tussen Montecatini-Terme en Saragano, Umbrië, niet zo groot. Rechtstreeks 229 km, dus we besloten om eerst een plaats te bezoeken. We konden toch pas na 15 uur onze hotelkamer in, in Umbrië. Na een prima stuk te hebben gereden, kwamen we aan in Orvieto.
Orvieto

Aan de hand van de reisgids, ANWB extra Umbrie, wilde ik een bezoek brengen aan Orvieto en dat werd alleen maar bevestigd toen ik online opzoek ging naar informatie. Wat trok mij aan? De stad bestaat al erg lang en is ook al erg lang bewoond, al vanaf 800 v. Chr. Dit was de tijd van de Etrusken. Dankzij een verbond met de Duitsers, is deze stad in beide oorlogen enorm goed bewaard gebleven. Hierdoor zijn er nog veel authentieke bezienswaardigheden en prachtige Etruskische kunst te bewonderen. We gingen ook vooral heen, voor de oudheden die nog onder de grond te zien zijn. Je kan er een hele interessante (en koele) tour doorheen boeken!
Toen wij aankwamen, gokte we om naar boven door te rijden voor het parkeren. Je kan ook “beneden” aan de stad parkeren (Orvieto staat op een tufstenen plateau) en dan neem je de tandratbaan naar boven. Het parkeren lukte, want het was zondag. Wij hadden geen andere optie, maar een bezoek aan Orvieto op zondag is niet ideaal. Heel veel is in het centrum dan niet open. De meeste bezienswaardigheden wel, soms wat beperkt en de horeca ook wel. Alleen zeker niet alles, waardoor de sfeer toch anders is. Daardoor was het voor ons wel wat rustiger!
Ben je er in de buurt of rij je er langs, is Orvieto echt de moeite waard. De kathedraal is prachtig en de rondleiding ondergronds heel interessant. Je krijgt een duidelijk inkijkje in het verleden van de stad.
Aethos Saragano
Ergens, tussen de groene heuvels van Umbrië, licht een dorp Saragano. Denk hierbij niet aan winkeltjes en straten. Nee, een handje vol oude huizen die allemaal tegen elkaar aan, op een heuvel staan, uitkijkend over een groen vallei. Het hotel Aethos Saragano, de kamers, zijn dus verspreid over dit dorpje. Wij zaten bijvoorbeeld met vier andere kamers (ongeveer) in een gebouw, maar het gebouw aan ons vast werd gewoon bewoond door locals. Voor een impressie hiervan is hun insta en eigen website echt een bezoek waard. Bij aankomst werden we geholpen met parkeren door een medewerker die net naar huis wilde gaan en doorverwezen naar de goede plek van de receptie. Daar checkte we in en werden we door een enorme gastvrije Italiaanse dame, naar onze kamer gebracht.


Het uitzicht was werkelijk fantastisch. Het was wel even wennen aan de (kast)ruimte, maar voor de rest was alles tot in de puntjes verzorgd en enorm comfortabel. Nadat we waren ingeruimd, zijn we beneden bij het zwembad gaan kijken en het hotel een beetje gaan verkennen.
Ontbijt was inbegrepen. Het was geen buffet, maar je kreeg een selectie aan etenswaren geserveerd aan tafel. Wat ons betreft was het voldoende en ook zeker van hoge kwaliteit. Lunch en diner, niet inbegrepen. Het was wel mogelijk om beide te reserveren bij het restaurant. Het restaurant is ook te reserveren, wanneer je er geen gast bent. Lunch hebben we nooit gedaan, omdat we op pad waren of genoegen namen met broodjes die Jesse verderop haalde met de auto. Diner hebben we wel om de dag gedaan. Weinig keuze, maar wel hoge kwaliteit.
Voor het zwembad moest je naar beneden lopen. Een prachtige en rustige plek met constant een zacht verkoelend windje.
Op truffeljacht in Umbrië
Eén van de dagen, waar ik het meeste naar uitkeek van de gehele reis. Omdat het mijn verjaardag was? Nee, maar wel omdat we voor mijn verjaardag (cadeau van Jesse) op truffeljacht gingen in de bossen van Umbrië. Het was wel eerst dik een uur rijden en het laatste stuk was een uitdaging. Het was heuvelopwaarts, smal, steil, bebost en slecht wegdek. Er was ons gevraagd om bij een kerkje te wachten, vanuit daar moesten we een pick up volgen naar een boerderij. Op die boerderij begon mijn feest al. Overal honden, overal katten, loslopende geiten, in de hoek een varken, wat een feest. We kregen in een ontvangstruimte uitleg over de boerderij, de familie en wat we die dag gingen doen. In totaal gingen we met zes mensen op pad, een stel Amerikanen die nog een jetlag hadden, Jesse en ik, Lucca die de truffel honden traint en onze engelstalige gids die is geëmigreerd vanuit Nieuw Zeeland.
De bossen in

Met twee pick-ups gingen we omhoog, de bossen in. In de laadruimte wachtte drie honden ongeduldig op de aankomst in de bossen. Eenmaal boven, in de schaduw en veel meer koelte, werden de honden losgelaten. Truffeljacht wordt dus gedaan met honden. Deze honden ruiken de truffels, gaan graven, nemen de truffel in hun bek en brengen hem trots naar de ’truffeljager’. Als beloning krijgen ze een stukje van een biscuitje. Daarna rennen ze weer vrolijk weg, opzoek naar de volgende truffel. Geen grap, elke twee minuten werd er wel door één van de honden een truffel gebracht. Soms moesten we helpen, door te graven en dan is het ook echt zaak om de hond tegen te houden. Die zijn dan zo enthousiast, dat helpen erg lastig is.
Na een tijdje rond te hebben gelopen door de bossen, gingen we de truffels wegen en brachten we een bezoek aan de herder bij de schaapskudde. Wat indrukwekkend. De schaapskudden wordt 24/7 bewaakt door honden met enorme spikes aan hun halsbanden. Waarom? Tegen de wolven. Elke week hebben ze honden een fysieke confrontatie met één of meerdere wolven. Ik was daar echt van onder de indruk! Op die plek kregen wij een tussendoortje, namelijk prosecco en roerei met verse truffel. Daar zat ik dan, midden op een heuvel, in Umbrië, tussen de honden en schapen, mijn roerei te eten met truffel en prosecco in de andere hand. Hoe kan je beter je verjaardag doorbrengen? Ik weet het niet.



Alsof het nog niet genoeg was, kregen we op de boerderij een demonstratie van verse pasta maken en kregen we vervolgens een drie gangen lunch geserveerd. Lunch, om 16 uur, ja, en drie gangen, ja. In Umbrie kan het allemaal. Wat was dit authentiek Italiaans genieten.
Assisi

De tweede “grote” onderneming van onze week in Umbrië. We gingen naar de stad Assisi, weer enorm pittoresk gelegen op een berg. We gingen vroeg heen, want vanuit verschillende bronnen wist ik dat het een grote en drukke stad was. Dit keer parkeerde we wel beneden aan de stad en liepen we omhoog. Al snel kwamen we in een hele gezellige straat terecht en zagen we al de eerste kerk. Wat we ook zagen, waren heel veel mensen. Vooral veel mensen die duidelijk religieus gekleed gingen! Dus we pakte maar even onze beste vriend Google erbij. Blijkbaar is Assisi een hele populaire bedevaart plaats, omdat het graf van de heilige Franciscus hier ligt en er bovenop een prachtige basiliek is gebouwd. De Sint-Franciscusbasiliek, staat dan ook op de UNESCO wereld erfgoedlijst.
Bij de lokale toeristeninformatie kochten we voor een euro, een hele duidelijke plattegrond met alle bezienswaardigheden (vooral kerken) en gingen we op pad. Het is echt een prachtige stad, met charmante winkeltjes, smalle straatjes en prachtige kerken. Een hele bijzondere plaats om te bezoeken. Erg indrukwekkend wel te noemen.


Het slotapplaus voor Umbrië
Plan je een trip naar Italie? Overweeg dan om naar Umbrië te gaan. Het is echt compleet anders dan de toeristische gebieden, zoals het Gardameer of Toscane. In mijn optiek kan je hier nog echt het authentieke en charmante Italië. De wegen en daardoor de reistijd is wennen. Het is ook wennen dat ze hier nog echt het Italiaanse ritme aanhouden. Het dwingt je wel tot ontspannen en uiteindelijk (wat mij betreft) dus het ultieme vakantiegevoel. Vroeg opstaan om iets te ondernemen, uitgebreid (laat en warm) lunchen, een middagdutje in de schaduw bij het zwembad, vervolgens douchen en omkleden om te kunnen flaneren, bij het diner. De steden en dorpjes zitten stuk voor stuk vol met geschiedenis en sfeer, je kan nog een toetje eten voor 5 euro en er is een kans dat je een hele dag geen engels sprekende Italiaan tegenkomt. Laat je onderdompelen door de Middeleeuwse stadjes, de oude kathedralen, de rijke geschiedenis, de gastvrije Italianen, de goed smakende wijn en het smaakvolle eten.
